Van Getsemane naar de wederkomst: verwachtingen en werkelijkheid.

Van Getsemane naar de wederkomst: verwachtingen en werkelijkheid.

Inleiding

Wanneer we het laatste stuk van het leven van Jezus op aarde lezen, zien we iets aangrijpends gebeuren. Terwijl Jezus met Zijn discipelen naar de hof van Getsemane loopt, zijn hun gedachten nog steeds gericht op één groot verlangen: het herstel van het koninkrijk van Israël. Zij verwachten dat Jezus Zich tijdens het Pascha zal openbaren als de Messias-Koning die Rome zal verslaan en een zichtbaar aards rijk zal oprichten.

 

Maar Jezus weet wat er werkelijk gaat gebeuren. Hij zal niet gekroond worden met goud, maar met doornen. Hij zal niet op een troon zitten, maar aan een kruis hangen.

Wat een geestelijke schok moet dat geweest zijn voor Zijn volgelingen.

 

Die pijnlijke tegenstelling zien we vaker in de Bijbel. Mensen verwachten iets aards, terwijl Gods plan veel groter en geestelijker is.

En precies diezelfde verwarring zien we vandaag opnieuw bij veel christenen. Velen verwachten dat Jezus bij Zijn wederkomst op aarde komt om hier duizend jaar te regeren. Maar wanneer we de Bijbel zorgvuldig lezen, ontdekken we dat de gebeurtenissen anders verlopen.

Daarom is het belangrijk om zelf in de Schrift te zoeken. Niet alles zomaar aannemen wat anderen zeggen, maar onderzoeken wat Gods Woord werkelijk leert.

 

1. De verwachting van de discipelen: een aards koninkrijk.

De discipelen geloofden dat Jezus de Messias was. Maar hun beeld van de Messias was sterk beïnvloed door nationale hoop en verlangen naar politieke bevrijding.

Zelfs vlak voor Jezus’ hemelvaart leefde dit idee nog.

“Heer, gaat U dan nu het koninkrijk van Israël herstellen?”
Handelingen 1:6

 

Ze hadden drie jaar met Jezus gewandeld. Ze hadden Zijn wonderen gezien. Ze hadden Zijn onderwijs gehoord. En toch verwachtten zij nog steeds een zichtbaar, politiek koninkrijk op aarde.

 

Jezus corrigeert hun verwachting niet door een datum te geven, maar door hun blik te richten op Gods plan.

“Het is niet aan jullie om de tijd of het moment te weten dat de Vader in Zijn macht heeft vastgesteld.”  Handelingen 1:7

 

De discipelen verwachtten een troon, maar Jezus ging naar het kruis.

Dat moment was een enorme schok voor hen. Hun verwachtingen stortten volledig in.

En precies daar ligt een belangrijke les: wanneer wij Gods plan invullen met onze eigen ideeën, lopen we het risico dat we teleurgesteld worden wanneer de werkelijkheid anders blijkt te zijn.

 

De discipelen moesten nog veel leren. En dat gold niet alleen voor hen.

Ook vandaag kunnen gelovigen verwachtingen hebben die niet volledig overeenkomen met wat de Bijbel werkelijk leert.

 

2. De wederkomst van Jezus: wat gebeurt er werkelijk?

De Bijbel beschrijft de wederkomst van Jezus als een indrukwekkende en wereldschokkende gebeurtenis.

Paulus legt het heel duidelijk uit:

“Want de Heer Zelf zal uit de hemel neerdalen met een bevel, met de stem van een aartsengel en met het geluid van Gods bazuin. Eerst zullen de doden die in Christus gestorven zijn opstaan.”  1 Thessalonicenzen 4:16

 

En daarna gebeurt er iets bijzonders.

“Daarna zullen wij, de levenden die overgebleven zijn, samen met hen in de wolken worden opgenomen, de Heer tegemoet in de lucht. En zo zullen wij altijd bij de Heer zijn.”
1 Thessalonicenzen 4:17

 

Let goed op wat hier staat.

De gelovigen gaan Jezus tegemoet in de lucht!

Net zoals een delegatie vroeger een koning tegemoet ging om hem te verwelkomen.

De Bijbel zegt hier niet dat Jezus op aarde landt en een koninkrijk begint. Integendeel: de gelovigen worden opgenomen en ontmoeten Hem in de lucht.

 

Ook Paulus beschrijft de verandering die daarbij plaatsvindt:

“Luister, ik vertel jullie een geheim: wij zullen niet allemaal sterven, maar wij zullen allemaal veranderd worden, in een ondeelbaar moment, in een oogwenk, bij de laatste bazuin.”
1 Korinthe 15:51-52

 

Jezus komt Zijn gemeente ophalen!

De doden staan op.
De levenden worden veranderd.
Samen gaan zij Jezus tegemoet.

En Jezus neemt hen mee naar de plaats die Hij heeft voorbereid, zoals Hij beloofd had aan de discipelen bij Zijn Hemelvaart.

“In het huis van Mijn Vader zijn veel woningen… Ik ga heen om een plaats voor jullie klaar te maken. En als Ik een plaats voor jullie klaar heb gemaakt, kom Ik terug en zal Ik jullie bij Mij nemen.”  Johannes 14:2-3

 

Dus Jezus komt niet op aarde om te regeren ,maar om hen mee te nemen naar de plaats die Hij heeft voorbereid.

Daarom staat er ook dat we Hem tegemoet gaan in de lucht.

De Bijbel zegt nergens dat Jezus bij deze gebeurtenis al Zijn voeten op aarde zet.

 

De bestemming van de gelovigen is dus niet direct een duizendjarig koninkrijk op aarde, maar het huis van de Vader.

 

3. Waar zijn de gelovigen tijdens de duizend jaar?

Openbaring 20 spreekt over een periode van duizend jaar. Maar opvallend genoeg beschrijft de Bijbel daar niet dat gelovigen op aarde regeren met Christus.

Johannes ziet iets anders.

“Ik zag tronen, en zij gingen daarop zitten. En hun werd het oordeel gegeven.”  Openbaring 20:4

 

Deze scène speelt zich af in de hemel. De gelovigen zijn bij Christus en nemen deel aan het oordeel.

Ondertussen ligt de aarde er verlaten bij. De goddelozen zijn gestorven bij de komst van Christus.

“De rest van de doden werd niet weer levend totdat de duizend jaar voorbij waren.”  Openbaring 20:5

 

Satan wordt in die periode gebonden.

Niet met een letterlijk touw, maar doordat hij niemand meer heeft om te verleiden.

“Hij greep de draak… en bond hem duizend jaar.” 

Openbaring 20:2

 

De aarde is leeg.
De rechtvaardigen zijn bij Christus.
Satan zit gevangen in de gevolgen van zijn eigen werk.

 

4. De tweede komst: wanneer Jezus wél op aarde komt.

Na de periode in de hemel beschrijft de Bijbel een tweede indrukwekkende gebeurtenis, waarop Christus daadwerkelijk naar de aarde komt. Dan daalt het hemelse Jeruzalem neer.

“Ik zag de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem, uit de hemel neerdalen van God.”  Openbaring 21:2

 

Op dat moment gebeurt er iets wat de profeet Zacharia al had voorzegd: “Op die dag zullen Zijn voeten staan op de Olijfberg.”  Zacharia 14:4

 

Dit is een ander moment dan wanneer de gelovigen Hem tegemoet gaan in de lucht.

Dit is het moment waarop Christus daadwerkelijk op aarde komt!

Dan worden ook de overige doden opgewekt.

“De zee gaf de doden die in haar waren. Ook de dood en het dodenrijk gaven de doden die in hen waren.”
Openbaring 20:13

 

Satan probeert nog één laatste opstand te organiseren.

Maar die eindigt definitief. “En er daalde vuur uit de hemel neer van God en dat verteerde hen.”  Openbaring 20:9

 

Het kwaad wordt volledig vernietigd.

 

5. Een nieuwe aarde

Daarna maakt God alles nieuw.

“Ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde.”
Openbaring 21:1

 

De zonde verdwijnt.
Het lijden stopt.
De dood bestaat niet meer.

“Hij zal alle tranen uit hun ogen wissen. De dood zal er niet meer zijn.”  Openbaring 21:4

 

Dat is het moment waarop Gods oorspronkelijke plan volledig hersteld wordt.

God gaat uiteindelijk bij de mensen wonen.

“Zie, Gods tent staat bij de mensen.”  Openbaring 21:3

 

Het plan van God eindigt dus niet met een tijdelijk aards rijk, maar met een volledig vernieuwde schepping waarin God voor altijd bij Zijn volk woont.

 

6. Het gevaar van geestelijke verwarring.

De discipelen moesten leren dat hun verwachtingen niet altijd overeenkwamen met Gods plan.

Ook vandaag is dat een belangrijke les.

Veel christenen nemen leerstellingen aan omdat ze die altijd zo hebben gehoord. Omdat een predikant het zegt. Of omdat een kerk het leert.

Maar de Bijbel roept ons op om zelf te onderzoeken.

“Onderzoek alles en behoud het goede.”

1 Thessalonicenzen 5:21

 

Door de eeuwen heen heeft satan geprobeerd verwarring te zaaien over Gods plan.

Paulus waarschuwt hiervoor: “Laat niemand jullie misleiden.”
2 Thessalonicenzen 2:3

 

En Jezus zelf zegt: “Pas op dat niemand jullie misleidt.”
Matteüs 24:4

 

Daarom is het zo belangrijk dat we de Bijbel zelf onderzoeken.

De inwoners van Berea kregen juist een compliment omdat ze dat deden. “Zij onderzochten elke dag in de Boeken of het inderdaad zo was.”  Handelingen 17:11

 

God wil dat we zelf zoeken, lezen en nadenken.

 

Satan zaait verwarring. Hij weet dat een kleine verdraaiing van de waarheid al grote gevolgen kan hebben.

Daarom is het zo belangrijk om steeds terug te gaan naar de bron: Gods Woord.

Lees.
Bid.
Vergelijk teksten met elkaar.

En vraag God om Zijn Geest, zodat Hij ons in de waarheid leidt.

Want wie de waarheid zoekt, zal haar vinden.

 

7. Bemoediging

Laat je niet ontmoedigen wanneer je ontdekt dat sommige dingen anders liggen dan je altijd hebt gedacht. De discipelen moesten ook een diepe teleurstelling verwerken voordat ze Gods plan werkelijk gingen begrijpen.

Maar uiteindelijk ontdekten ze iets veel groters dan een aards koninkrijk.

Een eeuwig koninkrijk.

Blijf daarom zoeken in de Bijbel. Stel vragen, bid. En laat Gods Woord je gids zijn.

Want de wederkomst van Jezus is geen theorie.

Het is de grote hoop van iedere gelovige!

 

“Ja, Ik kom spoedig.”  Openbaring 22:20

 

En wat zal dat een dag zijn.