03. Mattheüs' Waarheid - Op naar Egypte (Mattheus 2:13-23)

03. Mattheüs' Waarheid  - Op naar Egypte

Mattheüs 2:13-23

 

Inleiding

In deze studie gaat het over Jozefs vlucht naar Egypte en de parallellen tussen Jozef, de zoon van Jakob, en Jezus, de Messias.

 

De vlucht naar Egypte

De herders, die Jezus in de stal hadden bezocht, waren al lang teruggekeerd naar hun kudde. De wijzen waren eveneens naar hun land van herkomst gegaan, zoals de engel van de Heere hun bevolen had. Maar God, die de toekomstige dingen ziet voordat Hij ze aankondigt, stuurde Zijn engel nogmaals naar Bethlehem. Ditmaal werd Jozef gewaarschuwd. Hij moest zich reisvaardig maken en zo snel mogelijk naar Egypte vluchten met het Kind, dat nu ongeveer twee jaar oud was, en Maria, Zijn moeder.

 

Het was maar goed dat de wijze mannen hen al die schatten hadden gegeven. Nu konden zij, zonder al te grote zorgen, als asielzoekers jaren in een vreemd land wonen zonder al te grote ontberingen.

 

Parallellen tussen Jozef en Jezus

Is het niet opmerkelijk dat achttienhonderd jaar eerder er ook al een Jozef naar Egypte ging? Ook deze Jozef werd daarheen geleid en werd een redder van zijn volk. Jozef, de zoon van Jakob, redde met deze tocht naar Egypte niet alleen zijn familie, maar ook de Egyptenaren. Met de hulp van God voorkwam hij dat er een dodelijke hongersnood in Egypte kwam.

 

Ook Jezus is Degene die voor Zijn volk Israël smaad en vernedering meemaakte. Uiteindelijk werd Hij, net als Jozef, door Zijn eigen volk verraden en gedood. De broeders van Jozef hadden soortgelijke plannen met hem. Ook hij kende verraad en vergaf zijn broers van harte hun zonden tegen hem.

 

De zoon van Jakob had, net als Jezus, een profetische geest. Hij zag dat God dit volk in de toekomst terug zou voeren naar het beloofde land. Beiden, Jozef en Jezus, werden verraden en verkocht voor de prijs van een slaaf. Deze en vele andere parallellen zijn te vinden in de levens van deze twee mensen, die door God geroepen waren om naar Egypte te trekken zodat anderen door hun lijden in vrijheid zouden kunnen leven.

 

Terugkeer naar Israël

Toch was het niet de bedoeling dat Jezus met Zijn vader en moeder permanent in dit vreemde, heidense land zou blijven wonen. Zodra zij hoorden dat Herodes was overleden, haastten zij zich terug te keren naar hun geboortegrond.

 

Zij zagen het echter als een te groot risico om naar Bethlehem terug te gaan. In plaats daarvan vestigden zij zich in Galilea, in Nazareth, waar de geschiedenis van de kindermoord minder bekend was. Daar hoopten zij een min of meer rustig leven te kunnen leiden.

 

Ook op deze beslissing hadden Maria en Jozef weinig invloed. Het was weer God die bepaalde, door een engel naar hen te sturen, zodat ook deze profetie vervuld zou worden: “Galilea der heidenen, het volk dat in duisternis zat, heeft een groot licht gezien.” Het grootste deel van Zijn Messiasschap zou Jezus daar doorbrengen.

 

Johannes en Jezus

Als kinderen ontwikkelden zowel Jezus als Johannes de Doper zich in dezelfde tijd, met dit verschil dat Johannes ongeveer een half jaar ouder was. Er was nog een ander verschil: de ouders van Johannes waren op leeftijd bij zijn geboorte. Hoewel we niet weten wanneer zij stierven, lijkt het logisch dat Johannes al vroeg zonder ouders kwam te staan. Hij werd vooral door God onderwezen.

 

Van Jozef en Maria weten we slechts dat Maria jong was toen Jezus geboren werd. We zien haar zelfs nog bij het kruis, wanneer Hij Zijn ultieme offer brengt. Zo zien we dat Johannes zijn voorlopschap maar een korte tijd kon vervullen, voordat ook hij de prijs betaalde voor het verkondigen van een boodschap die slechts bij een beperkte groep populair was.

 

Noch Johannes, noch Jezus werd oud. Beiden werden vermoord rond hun drieëndertigste jaar, omdat zij de zonden van hun tijdgenoten bestraften. Toch waren het juist de zondaars die zich tot hun volgelingen rekenden. Nu, tweeduizend jaar later, eren wij hen nog steeds: de één als Elia voor zijn tijd, de ander als de beloofde Messias.

 

Een boodschap voor onze tijd

Ik geloof dat er voor hen beiden nog een boodschap voor onze tijd is weggelegd. De boodschap van Johannes was dat de komst van de Messias nabij was. Ik hoop dat die boodschap nu ook door ons wordt gebracht.

 

Want Hij zal komen om Zijn kinderen thuis te halen. Ook wij mogen nu helpen om de wereld voor te bereiden op Zijn komst, niet als baby, maar als Koning der koningen en Heere der heren. De eerste die deze boodschap bracht, de letterlijke Elia, werd ten hemel opgenomen; de tweede, Johannes, werd onthoofd.

 

Ik hoop dat wij, de derde die deze boodschap brengen, mogen delen in de ervaring van de eerste en dat wij Hem, Jezus, tegemoet zullen gaan in de lucht.

 

Piet Westein

 

P.S. 

Kijkt u maar goed om u heen of u nog geen strijdwagens ziet die u komen halen. Goede reis!