02. Jozef in Egypte – Potifars huis

02. Jozef in Egypte – Potifars huis

 

Inleiding

Deze studie volgt Jozef in Egypte bij Potifar, waar hij gezegend wordt maar verleid en gevangen gezet om zijn trouw aan God. Ze wijst vooruit naar Jezus' afwijzing van valse religie en de eindtijdverleiding van Gods volk door de hoer van Babylon. 

 

 

Wij slaan Genesis 39 over, want hoewel het tegelijk speelt met Jozefs geschiedenis in Egypte, speelt hij daarin geen rol. Dit is het verhaal van Juda en zijn schoondochter Tamar. Wij pakken de draad op in Genesis 39.

 

De eerste tekst zegt: “Jozef werd naar Egypte gebracht. Daar kocht een hoveling van Farao hem; zijn naam was Potifar.”

 

Je kunt overal carrière maken

Die paar woorden zeggen veel. Jozef overleeft ternauwernood de haat van zijn broers; zij verkopen hem aan achterneven, de Ismaëlieten. Van broers en neven mocht hij compassie verwachten, maar zij binden hem ondanks smeekbeden en laten hem te voet door de hete woestijn lopen. Elke stap voert hem verder van zijn vaderhuis. Op de slavenmarkt verkocht aan een onbekende, moet hij leven vanuit geloof alleen in de profetieën dat hij koning zou worden.

 

Over Jozefs eerste tijd in Egypte weten wij weinig. Er staat dat de Heere met Jozef was. En als God voor ons is, wie kan dan tegen ons zijn? Ondanks zijn situatie en jonge leeftijd doet hij zo zijn best onder Gods zegen, dat het Potifar opvalt.

 

Jozef verlaat het geloof van zijn vaderen niet, omringd door Egyptes afgoden en een zonaanbiddende heer. Binnen korte tijd bestuurt hij Potifars hele huishouden. Zelfs Potifar beseft dat hij en zijn huis gezegend worden door deze Hebreeuwse, sabbatvierende slaaf. Potifar stelt hem aan over alles wat hij bezit.

 

Nochtans

Jozef is een knappe jonge man. Potifars vrouw valt op hem en probeert hem te verleiden. Ondanks zijn jeugd heeft Jozef Gods wetten diep verankerd. Zijn vader moet ze hem voorgeleefd hebben, ondanks Jakobs vreemde huwelijkssituatie.

 

Dag aan dag biedt Potifars vrouw zich aan. Zijn antwoord blijft: “Hoe zou ik dit grote kwaad doen en zondigen tegen God?” Hoewel die zonde vooral tegen zijn heer zou zijn, ziet Jozef zijn verantwoording tegenover God als belangrijker.

 

Een eunuch?

Potifars vrouw is vasthoudend. Op een dag grijpt zij Jozef vast en probeert hem het bed in te sleuren. Jozef laat zijn mantel achter en vlucht naar buiten. Voor Potifar thuiskomt, verspreidt zij de leugen dat Jozef haar wilde verkrachten. Potifar aarzelt haar onvoorwaardelijk te geloven en laat Jozef niet doden, maar gevangen zetten.

 

Een geestelijke uitleg?

Uit Jozefs eerste profetieën weten wij dat spectaculaire dingen moesten gebeuren. Tot nu toe ging het bergafwaarts. Hoe zat het met de vrouw in de profetie een kerk of geestelijke macht? Letterlijk een zonaanbiddende vrouw die Jozef tot vruchtbaarheidsrite verleidt.

 

In het antitype kijken wij naar Jezus' tijd en onze tijd. Jezus had een populaire rabbi kunnen worden als Hij de priesterleer volgde en Rome niet tartte. Maar dan geen Messias. Jezus en de vroege kerk scheidden zich af van politieke en religieuze machten; zij werden een koninkrijk van priesters met God als Koning.

 

In de vierde eeuw ging de kerk met zonaanbiddende keizer Constantijn naar bed en werd deel van de vervolgende zonnecultus. In onze tijd is de verleiding sterker: zondagvierders sluiten aan bij Roma’s zonaanbidding; een kleine groep gelovigen vermijdt dat. Oecumene lijkt goddelijk, maar roept: “Home to Rome.” De hoer van Babylon nodigt uit tot haar bed.

 

Willen wij populair zijn en vervolging vermijden, ga dan mee. Willen wij priesters blijven met Gods wet als bindend, blijf ver van haar bordeel. Misschien brengt dat gevangenis om iets niet gedaan — maar zoals Jozef kunnen wij daar profetieën uitleggen.

 

Piet Westein

 

P.S.

Ik vraag mij af wat hij in de gevangenis maakt. Er zullen engelen hem beschermen.