Drie mannen in een storm

Drie mannen in een storm

Als er in de bijbel verschillende malen een soortgelijke geschiedenis staat, dan is het zinvol om deze verhalen met elkaar te vergelijken. Als wij de geschiedenis van Jona, Petrus en Paulus lezen dan zien wij dat zij alle drie op een schip een zware storm meemaken. Door die drie verhalen achter elkaar te lezen zien wij een aantal opvallende gelijkenissen.

 

Jona

De geschiedenis van Jona begint met een openbaring van God aan Jona. Letterlijk staat er het woord des Heren kwam tot Jona. Zoals wij uit het evangelie van Johannes weten is het Woord des Heren een persoon, het is God die de vorm van een mens heeft aangenomen, die mens is Jezus. In het geval van Jona ontmoet God in de vorm van een Mens Jona. De opdracht die God aan Jona geeft is om te gaan evangeliseren onder de heidenen, en wel onder de vijanden van Israël. Hij moet naar de hoofdstad van het Asyrische rijk. Jona weigert, hij vlucht weg van de aanwezigheid van God.

 

Op zijn vlucht overvalt hem een storm die zo bijzonder is dat de schepelingen vermoeden dat één van de opvarenden er voor verantwoordelijk is. Men werpt het lot om uit te vinden wie het is, en het lot wijst de dader aan, het is Jona. Dezelfde Jona die niet wilde evangeliseren onder de heidenen in Ninevè, begint nu het woord van God te verkondigen onder de heidenen op dit schip. Van de storm die het schip overvalt staat dat die van God komt, al de opvarenden beginnen hun god aan te roepen, maar dat heeft geen effect. Maar waar is Jona? Hij slaapt. Dit doet ons natuurlijk denken aan de tien maagden die toen het er op aan kwam ook sliepen.

 

Jona is degene die de ware God kent, de kapitein van het schip maakt hem wakker, hij zegt roep tot jouw God, misschien zal die God ons kunnen redden. Wanneer Jona door het lot is aangewezen als de schuldige, zegt hij dat hij de Schepper God aanbidt, iedereen die dit hoort wordt doodsbang, men vraagt hem wat moeten wij doen? Jona weet dat hij niet op dat schip thuis hoort, hij zegt werp mij overboord. Als dat gebeurd is houdt de zee op met woeden.

 

Anti type van Jona

Achter het letterlijke verhaal van Jona gaat ook een geestelijke strekking schuil. Om te beginnen moeten wij weten dat de naam Jona duif betekent. Uit het nieuwe testament weten wij dat de duif staat voor de Heilige Geest. Het schip staat voor de kerk, hier de verzameling van alle gelovigen. Dit zijn zij die wel een kennis van religie hebben maar niet de ware God aanbidden. Als Jona (de Geest) in hun midden komt en de schepper God openbaart beginnen zij  te offeren, op wie zien alle offers, is dat niet op Jezus? Dan is er nog de zee, de zee staat voor de ongelovige volken.

 

Zolang de gelovigen in de boot, dat is de kerk, blijven, heeft satan vrij spel. Dan is er nog de vis, die wordt door de vroege kerk gebruikt om Christus aan te duiden. Wij zien hier dat de Geest eerst valt op de kerk, daarna met de vis op de zee, als wij gedreven door de Geest Christus brengen aan de hele wereld komt er rust over de volken. De strekking van het verhaal van Jona is dat wij als profetisch volk de profetie moeten geloven en hem eerst aan de medegelovigen  moeten brengen en tenslotte aan de hele wereld.

 

Petrus

De ervaring van Petrus als hij met de andere discipelen in nood verkeert op een stormachtige zee is leerzaam om goed naar te kijken. De discipelen hebben net een groot wonder gezien, de wonderbare spijziging van de 5000. Jezus heeft hen het meer opgestuurd, zij moeten naar de overzijde roeien terwijl Jezus de berg opgaat om te bidden. Plotseling steekt er een storm op die het schip tegenhoudt. Terwijl zij hun uiterste best doen om vooruit te komen, zien zij plotseling iemand over het water naar hen toekomen, en zij worden doodsbang.

Maar als Hij die het Woord is spreekt en zich bekend maakt als de Ik ben wil Petrus naar Hem toe. Als Petrus toestemming heeft om te komen gaat hij, Maar als hij op de wind ziet wordt hij weer bang en zinkt weg. Jezus openbaart zich hier als de redder, hij steekt zijn hand uit en trekt Petrus uit het water. Als zij eenmaal in de boot zijn houdt de storm op.

 

 

Anti type van Petrus op het water

Ook hier is de boot de kerk, de discipelen staan voor de gelovigen van alle tijden. Jezus is niet in de boot. Hij is opgevaren (de berg opgegaan om te bidden). De storm die opsteekt en de boot tegenhoudt, is de geest van satan die de zee, dat zijn de volken opzweept tegen de ware gelovigen. De nacht staat voor het licht van het evangelie dat de kerk verloren heeft.

In Johannes zes staat dat als zij Jezus in het schip willen nemen, zij direct hun doel bereiken. Hier zien wij dat terwijl Jezus is opgevaren naar de hemel om voor ons een plaats te bereiden, wij op aarde het zicht op hem dreigen te verliezen, het is slechts als wij de boodschap van Jezus als redder van de hele wereld in zijn volheid brengen dat wij ons doel bereiken.

 

Paulus

In het verhaal van de schipbreuk van Paulus kunnen wij ons afvragen, wanneer Paulus dat aangezicht van Jezus heeft gezien en of dat met deze storm te maken had. Paulus ontmoet Jezus op de weg naar Damascus, als hij denkt voor God te werken. Door deze ontmoeting vindt ook zijn bekering plaats. Dit is echter niet de eerste maal dat hij een bijzondere geestelijke ervaring meemaakt.  

 

Als jongen van 17 jaar, en in de theologische school van Gamaliël is hij aanwezig bij de veroordeling en steniging van Stefanus. Het gelaat van Stefanus zag er uit als dat van een engel, toen hij voor de hoge raad zijn verdedigingsrede uitsprak. Later toen de menigte hem ging stenigen riep hij uit dat hij de Zoon des mensen zag staan aan de rechterhand van God. Paulus heeft dat alles gehoord en gezien, maar in plaats van zich te bekeren stemde hij in met de steniging. Het is pas nadat hij de gemeente van God in Jerusalem heeft vervolgd, en hij denkt dit ook in het buitenland te kunnen doen dat God in zijn leven ingrijpt. Hij, Paulus die zoveel leed heeft veroorzaakt krijgt van God zelf te horen dat hij voor datzelfde evangelie veel zal moeten lijden. Hier zien wij dat net als bij Jona één ontmoeting met God niet altijd voldoende is om Zijn wil te volbrengen.

 

Laten wij nu eens kijken naar de schipbreuk die Paulus heeft meegemaakt, of die ook past in de rij van Jona en Petrus. Alle drie waren het dienaren van God, zij kenden Hem al langere tijd en hadden Hem persoonlijk ontmoet. De zeereis die Paulus onderneemt is niet op vrijwillige basis, hij is gevangen genomen, en is onderweg om in Rome voor de keizer te getuigen. Tijdens de reis adviseert hij om op een goede plaats te overwinteren, maar men besluit het risico te aanvaarden om in het stormseizoen de reis voort te zetten.

 

De storm die hen overvalt duurt veertien dagen, en dan landen zij op Malta. Die nacht zendt God een engel met de boodschap naar Paulus dat zij het allemaal kunnen overleven als zij doen wat God beveelt. Hoewel de soldaten de gevangenen willen doden, beslist de hoofdman dat zij naar Paulus moeten luisteren. Als zij tenslotte allemaal gered zijn en een vuur aanleggen om zich te drogen, komt er een slang uit het hout en bijt zich vast aan de hand van Paulus. De bewoners van Malta denken dat de goden boos zijn op Paulus en hem proberen te doden, maar als hij na verloop van tijd niet dood neervalt,denken dat hij een god is en willen zij hem aanbidden. Paulus wijst dat beslist af, en verkondigt hun het evangelie van het koninkrijk van God.

 

Als wij dit verhaal van de schipbreuk van Paulus zien in het licht van de grote strijd die er woed tussen Christus en satan, dan kunnen wij ons indenken dat het satan is die de storm op de zee werpt en Paulus probeert te doden. De slang die Paulus bijt is dan een beeld van satan, want het is hij die er bij gebaat is dat Paulus niet naar Rome gaat, waar hij vanuit zijn gevangenis veel van zijn brieven schrijft die wij noch dagelijks lezen, en die de gemeente door de eeuwen heeft geleid.

 

Wij zouden als wij ook hier in dat schip dat te pletter slaat tegen de rotsen, de kerk van de eindtijd kunnen zien. Vlak voor de wederkomst van onze Heer zal zijn kerk als organisatie te onder gaan maar de opvarende, (zijn gemeente) zal behouden worden en satan (de slang) zal hen niet langer kunnen deren. Ook wij in ons persoonlijk leven krijgen te maken met de aanvallen van satan, wij zullen samen in de boot, dat is de kerk, elkaar binnen de boot moeten proberen te houden. Samen kunnen wij onder de bescherming van de Geest van God weerstand bieden tegen de boze.

En als Jezus dan komt in Zijn heerlijkheid zullen wij bereid zijn om met Hem mee te gaan, om de eeuwige Sabbat te vieren.

 

Piet Westein.