50. Mattheus' Waarheid - Er is brood en brood (Mattheüs 16:5-12)

49. Mattheus' Waarheid - Er is brood en brood 

Mattheüs 16:5-12

 

Deze studie gaat over het onderscheid tussen letterlijk brood en geestelijk voedsel. Het laat zien hoe belangrijk het is om waakzaam te zijn voor verkeerde leer in ons dagelijks geloofsleven.

 

Jezus heeft net een schare met brood verzadigd. Dit was al de tweede maal dat Hij, Die het manna in de woestijn aan Zijn volk gaf, het hier op aarde nog eens dunnetjes overdeed. Nu gaan zij vandaar weg en, zoals zij dat wel vaker deden, is hun vervoermiddel een boot. Nu hadden de discipelen vergeten van dat wonderbrood dat Jezus had vermenigvuldigd iets mee te nemen. Ook hadden zij geen brood bij een bakker gehaald voor onderweg.

Luister, nu begint hun Rabbi te spreken. Hij zegt: let op het zuurdesem van de Farizeeën en de Sadduceeën. Het waren juist deze twee groepen die Hem hadden geprobeerd pootje te lichten met hun valse vragen. Toen dat niet was gelukt, beraadslaagden zij om Hem om te brengen.

Maar de discipelen, in hun onnozelheid, dachten dat Jezus het hun kwalijk nam dat zij vergeten hadden brood mee te nemen. Het is dan dat hun grote Leider hun vraagt hoeveel brood Hij had vermenigvuldigd. Het is dan pas dat zij zich realiseren dat Hij helemaal niet over het letterlijke brood had gesproken, maar veeleer over de leer die de Farizeeën verkondigden. Letterlijk brood kon Hij, Die de Schepper van het heelal is, immers Zelf wel maken.

 

Wat is ons zuurdesem?

Het is voor ons, die deze verhalen al ons hele leven hebben horen vertellen en uitleggen, makkelijk om te zeggen: wat dom van die discipelen. Maar het gevaar bestaat dat wij vergeten te vragen of er in ons dagelijks brood, het Woord van God, ook oud zuurdesem zit. Dat is verkeerde leer en uitleg van de Bijbel die door de generaties heen aan ons is overgeleverd. Daarom is het essentieel dat iedere generatie de Bijbel opnieuw voor zichzelf leest en de betekenis ernstig onderzoekt en toepast.

In Israël was en is het de gewoonte om voor de Paasdagen het hele huis te reinigen van alle overblijfselen van brood waar gist in zou kunnen zitten. Geen korrel mocht er overblijven. Zo is het in onze tijd met de zonden die wij in ons leven hebben toegelaten, ook de kleine zonden, de dingen waarvan wij denken: dat is toch niet zo erg, dat doet iedereen toch wel eens. Toen het volk van Israël uit Egypte trok, moesten zij ook het zuurdesem wegdoen. Dit was een beeld van de zonden die zij in Egypte hadden aangeleerd. Zij moesten die zonden in Egypte achterlaten.

Nu probeerde Jezus Zijn discipelen te behoeden om niet in de val te trappen om de overleveringen van de vaderen, het zuurdesem, te vermengen met de leer die hun Meester aan hen probeerde over te dragen. Dit zou nieuwe wijn in oude zakken zijn. Nee, alles moest nieuw worden. De overleveringen van de ouden konden niet met de nieuwe leer van Jezus in een nieuwe gemeente accorderen. Zo was het ook met de reformatie onder Maarten Luther. Men had toen alle overleveringen in één keer uit de kerk moeten verwijderen. Jammer genoeg zijn wij vergeten om al die oude overleveringen weg te doen. Veel van het oude gist is in de geestelijke keuken achtergebleven. Het heeft het nieuwe deeg weer helemaal doorzuurd. Hierdoor zijn de meeste kerken zondag blijven vieren in plaats van de sabbat van God te eren.

Waar de discipelen zich druk maakten of zij wel genoeg brood bij zich hadden, hadden zij zich beter druk kunnen maken of zij wel genoeg hemels manna, het Woord van God, in zich hadden opgeslagen. Zo moet het met ons ook zijn. Als wij bidden: geef ons heden ons dagelijks brood, en dat is inclusief alles wat wij nodig hebben om als kind van God hier op aarde te kunnen leven, ja, ook onze kleding en onderdak vallen daaronder. Wij kunnen en mogen die zorg bij God neerleggen en Hij zal ons daarin verhoren.

Maar laten wij vooral beseffen bovenal eerst het Koninkrijk van God te zoeken voordat wij ons druk maken om de aardse benodigdheden. Wij moeten dat hemels manna, het Woord van God, eerst zoeken en dan zal God ons de rest zeker schenken. Vergeet vooral niet om trouw te zijn in het betalen van uw tienden. Dit deden Abram, Isaak en Jakob toch ook al?

 

Piet Westein

 

P.S.

Laten wij niet vergeten dat wij als volk van God ook door een woestijn trekken. Ook wij dorsten naar dat levend water dat uit de Rots vloeit Die voor ons geslagen is. Laten wij ons aan dit water laven en het ook aan andere dorstige zielen geven. Ik hoop dat het een fontein van water des levens in u zal worden.