12. David - Mefiboset, de man die schande ademt

2 Sam hoofdstuk 9

DAVID HOUDT ZICH AAN ZIJN BELOFTE.

Als David zijn meeste vijanden verslagen heeft, denkt hij terug aan zijn grote vriend en wapenbroeder, Jonathan. Hij had Jonathan keer op keer beloofd dat als hij, David, eenmaal koning zou zijn, Jonathan naast hem zou zitten op zijn troon. Daar Jonathan tegelijk met zijn vader Saul en zijn broers was gesneuveld in de strijd tegen de Filistijnen, kon hij die belofte niet vervullen. Nu zoekt David een manier om die belofte op een of ander manier toch na te komen.

Hij vraagt overal of er nog mensen uit de familie van Saul en Jonathan over zijn. Tenslotte meldt er iemand dat Jonathan een zoon had. Deze jonge man blijkt te Lo-Debar [zonder weide] te wonen. De man die hem dat meldt aarzelt de naam van deze jongen te noemen. Mefiboset, zegt hij tenslotte aarzelend. Nu weten wij uit één van de vorige hoofdstukken dat  een oom van deze jongeman ook deze naam droeg. Letterlijk betekent deze naam: Hij die schande ademt. 

Nu wordt er in dit verhaal bij vertelt dat deze jonge man verlamd is geworden aan beide voeten, nadat zijn verzorgster hem had laten vallen. Zo in het verhaal lijkt het erop of hij een dwarslaesie had. Misvormdheid was in die tijd in Israël inderdaad een schande. Wij weten niet of deze zoon van Jonathan naar zijn oom was vernoemd, of dat hij die naam kreeg door zijn misvorming. Maar ik vind het moeilijk te geloven, dat ouders deze naam bewust voor hun kind zouden kiezen.

Ondanks deze naam en ondanks het feit dat hij kreupel is, aarzelt David geen moment, hij laat deze telg uit het geslacht van Koning Saul bij zich brengen. Hij ontvangt hem vriendelijk. Dat niet alleen, hij belooft hem, dat hij net als de zonen van de koning zelf, hij dagelijks aan de tafel van David mag aanschuiven.

 Hiermee is de vrijgevigheid van David nog niet uitgeput. Gewoonlijk was het zo dat alles wat aan Saul en Jonathan had toebehoord, aan de nieuwe koning zou vervallen. Maar David schenkt al deze dingen aan Mefiboset. Hierdoor is hij niet meer Lo-Debar [zonder weidegrond] maar Debar [met weidegrond]. Daar Mefiboset zelf niet in staat was deze weidegronden te beheren, geeft David, Siba [standbeeld], een van de knechten van Jonathan, de opdracht daar zorg voor te dragen. 

HOE IS HET GESTELD MET ONZE VOETEN?

Mefiboset had niets van David te verwachten. Het eerste wat een machthebber uit een nieuwe dynastie deed wanneer hij de troon besteeg, was iedereen van het vorige koningshuis uitroeien. Dit deed men zodat er niemand een claim kon leggen op de troon. David is meer dan vriendelijk voor de zoon van zijn vriend Jonathan. Het feit dat hij dagelijks aan zijn tafel eet kunnen wij daarom op twee manieren uitleggen. De eerste is, hij was gewoon zeer op hem gesteld omdat hij er zijn vriend Jonathan in zag. De tweede is, des te dichter Mefiboset bij David was des te beter hij hem in de gaten kon houden.

Zo is de goedheid van David hier een beeld van onze Verlosser, Hij kwam ook om ons, die verlamd zijn, weer stevig op onze voeten te zetten. Toen Jezus hier op aarde was deed Hij dat én letterlijk, [de genezing van een verlamde], én figuurlijk, Hij zond Zijn discipelen uit om, de velden die wit waren van het rijpe graan, te oogsten. 

Hoe is het gesteld met de voeten van ons die leven in de eindtijd voor de wederkomst van diezelfde Verlosser? Zijn die ook verlamd misschien door de corona? Misschien is dat schoeisel, dat wij nodig hebben om die graanvelden te oogsten voor het koninkrijk van God, achter in de kast geraakt, en zitten zij onder het stof. Laten wij dat schoeisel oppoetsen en aantrekken. Wij moeten toch onze voeten schoeien met de bereidheid van het evangelie? Anders kunnen wij, zover het evangelie betreft, net zo goed letterlijk verlamd zijn. 

En dan die velden die wij van God krijgen om te bewerken, moeten wij wachten tot God een Siba naar ons toestuurt, of heeft Hij ieder van ons een sikkel gegeven om de oogst binnen te halen? Ik weet wel dat wij eerst moeten zaaien, voordat wij kunnen oogsten. Maar het kan geen kwaad om als wij met de ene hand het evangelizaad uitstrooien, in de ander hand de sikkel hebben, je weet maar nooit.

                                                             Piet Westein.

 P.S. 

Hier is David echt een man naar Gods hart. Even een hele verademing na al die oorlogen. Ik hoop dat dit zo blijft en dat hij al die mooie psalmen is gaat opschrijven. Maar, ik heb uit een betrouwbare bron vernomen, dat Nachas, de koning van de Ammonieten overleden is. Nu is zijn zoon Chanun in zijn plaats gekomen. Maar die Chanun is niet zo’n beste. Je houdt je hart vast.